Hard werken om het leven niet te voelen

Ik moet sterk zijn, doorbijten

Op deze eerste november is het weer grauw, grijs en koud. Alsof het zich afstemt op Allerheiligen. Een ideaal moment om te vertellen hoe ik persoonlijk om ging met het verlies van mijn grootvader. Over hoe ik doorbijt en sterk probeer te zijn voor mijn moeder en grootmoeder.

 

Mijn grootvader is 5 jaar dood, en ik heb het nog altijd niet verwerkt. Simpelweg omdat ik zijn dood nooit heb proberen te verwerken. Het leven gaat toch verder. Waarom stil staan bij de doden? Bij zijn dood heb ik vooral geprobeerd om sterk te zijn voor mijn moeder en grootmoeder. Zij blijven achter. Zij moeten verder terwijl ze immens verdriet hebben. Ik vond dat ik er moest zijn voor hen. Ik kon toch onmogelijk zelf verdriet hebben en er zijn voor hen…

 

Nochtans was alleen zijn ook geen optie. Ik wist met mezelf geen blijf. De oplossing die ik vond, mijn werk. Hele dagen rondhangen op het werk. “Zijt gij hier nu nog” en “zijt gij nu al hier” waren geen onbekende zinnen. Alles was beter dan thuis te zijn.

 

En zo houden we dat enkele maanden vol. Tot ik op een bepaald moment lichamelijk klachten begon te krijgen. Wat wil je, weinig slapen en weinig rusten. Maar zo helemaal alleen thuis uitzieken lag me zo niet. Ik wist met mezelf geen blijf en ga terug werken vol met pijnstillers. Ik bijt wel door de pijn heen. Kijk toch eens aan hoe flink ik ben. Er is helemaal niets aan de hand met me!

 

Door de pijn en mijn verdriet daalt mijn humeur. Ik bijt de neus af van mijn collega’s en mijn familie. Daarbovenop ben ik kort naar iedereen die nog maar een beetje lastig doet. Maar ik moet verder dus ik zoek nieuwe afleiding. Ik zoek het contact op met klanten. Klantvriendelijkheid is belangrijk en onvriendelijkheid is ‘not done’. Dus ik heb een nieuwe afleiding.

 

Een geest die niet aanwezig is, een lichaam dat weigert en alle overige kracht gaat naar het doen alsof alles in orde is. Een recept om volledig te ‘crashen’. En dat is dan ook wat ik doe. Mijn baas stuurt me verplicht naar huis. Met of zonder doktersattest, ik ben niet welkom.

 

Het is dus mijn baas die me beschermt. Vooral van mezelf. En gelukkig maar. Soms hebben we gewoon zo iemand nodig. Voor kinderen vinden we dat heel normaal dat onze ouders ons beschermen en voor ons welzijn zorgen. Eenmaal als we volwassen zijn wordt dat niet meer aanvaard.

 

Wel ik was enorm blij dat mijn baas terug even mijn ouder was. Iemand die wist wat voor mij het best was en me er toe forceerde. Toen zag ik dat niet zo. Ik moest plots met mijn verdriet omgaan en de lichamelijke kwalen. Nu wist ik helemaal geen blijf met mezelf. Sterk zijn en doorgaan is immers iets dat ik van mijn eigen moeder heb geleerd. Hoe moeilijk het ook is gewoon doorgaan. Altijd maar doorgaan. Tanden bijten en doorgaan.

 

Ik ben blij dat ze me dit geleerd heeft want het is een goede eigenschap om moeilijke tijden te overbruggen. Maar werkt niet als het een ontsnappingsmechanisme is. Ik kon deze waarheid toch niet ontvluchten. Hij is dood.

 

Je kan je lichaam negeren maar uiteindelijk haalt het je toch in. Hetzelfde geldt voor je geest. Je kan jaren lang jezelf negeren en veel verdringen, maar er komt een tijd dat het je bijbeent. En ik denk dat we allen wel zo’n situatie hebben. Die we niet onder ogen komen en die we vermijden op een ongezonde manier. Bij mij was het werk, maar het kan ook extreem sporten zijn, veel uitgaan, gamen, roken, drinken, vluchtige ontmoetingen …

 

Daarom is het interessant na te gaan waarom je zulk gedrag stelt. Want dit is nu een grote gebeurtenis. Maar als ik naar mijn verleden kijk, is dit gedrag dat ik vaker stel. Vluchten van de harde waarheid, de realiteit ontkennen. De opgesomde voorbeelden hierboven zijn goed om er mee om te gaan op korte termijn. Maar zijn geen oplossing voor lange termijn. Had ik toen al maar de inzichten verworven die ik nu heb. Daarom dat coaching belangrijk is.

Vertel me op facebook of twitter gerust hoe jij vlucht.